RISICO

Risico's puberteitsblokkers

Wat de literatuur sinds 2020 toont over GnRH-agonisten bij adolescenten met genderdysforie.

Botdichtheid

De puberteit is de periode waarin piek-botdichtheid (peak bone mass) wordt opgebouwd. Onderdrukking met GnRH-agonisten stopt die opbouw. Joseph et al. (2019) toonden bij 70 adolescenten op blokkers een Z-score-daling van bot dichtheid van -0,9 SD na 2 jaar in de lumbale wervels. Schagen et al. (2020) bevestigden dat catch-up na herstart van endogene hormonen of na cross-sekshormonen onvolledig is. Implicatie: verhoogd risico op vroege osteoporose en fracturen op latere leeftijd.

Hersenontwikkeling

Geslachtshormonen sturen synaptische snoeisels en witte-stof-myelinisering in adolescentie aan. Schneider et al. (2017) en Hough et al. (2017, rattenmodel) tonen effecten op spatial memory en executieve functie. Bij mensen ontbreekt langetermijn-cognitief onderzoek met controlegroep. De Cass Review noemt het ontbreken van dat onderzoek als kritisch hiaat.

Doorstroom naar cross-sekshormonen

Het oorspronkelijke argument — blokkers als "denk-tijd" — is ondergraven. Brik et al. (Amsterdam UMC, 2020): van 143 adolescenten op blokkers ging 98% door naar cross-sekshormonen. Vergelijkbare cijfers (95–98%) in UK, België, Spanje. Vrijwel niemand zet de stap terug. Dit suggereert dat blokkers de keuze niet bevriezen maar bestendigen — mogelijk door iatrogene vertraging in psychoseksuele rijping. Zie ook Cass Review.

Fertiliteit

Adolescenten die op Tanner 2 starten met blokkers en doorgaan naar cross-sekshormonen ontwikkelen geen functionele gameten. Sperma is niet beschikbaar voor cryopreservatie omdat spermatogenese nog niet is gestart. Bij meisjes is ovariële preservatie experimenteel. Implicatie: iatrogene sterilisatie bij ongeveer Tanner 2-starters. Zie fertiliteit.

Psychosociaal

De vaak aangehaalde claim dat blokkers suïcide voorkomen, is niet ondersteund door methodologisch sterke studies. Biggs (2024) reanalyseerde de Tavistock-data en vond geen verbetering in psychisch welzijn bij behandelde adolescenten t.o.v. baseline. Een Nederlandse follow-up door De Vries (2014) toonde verbetering, maar zonder vergelijking met onbehandelde controles en met selectiebias.

Bijwerkingen op de korte termijn

  • Opvliegers, vermoeidheid, stemmingswisselingen.

  • Hoofdpijn, gewichtstoename.

  • Pseudotumor cerebri (verhoogde intracraniële druk) — zeldzaam maar gemeld, FDA-waarschuwing 2022.