Veneuze trombose en longembolie
Oestrogeen verhoogt productie van stollingsfactoren in de lever. De Amsterdam-cohortstudie (Getahun et al., Ann Intern Med 2018) toonde een 5-voudig verhoogd risico op VTE bij MTF-hormoongebruikers t.o.v. cisgender mannen. Risico is hoger bij oraal oestradiol, lager bij transdermaal. Synthetische ethinyloestradiol wordt niet meer gebruikt vanwege extreem verhoogd risico (15–20x).
Beroerte
Dezelfde Amsterdam-data toonden 2,5x verhoogd risico op ischemische beroerte bij MTF-hormoongebruikers. Absoluut risico blijft laag op jonge leeftijd maar cumuleert over decennia.
Meningeoom door cyproteronacetaat
In 2018 publiceerde de Franse autoriteit ANSM cohortdata over 250.000 vrouwen die cyproteronacetaat gebruikten: dosis-afhankelijk verhoogd risico op meningeoom (goedaardige hersentumor die door zijn locatie wel ernstige neurologische schade kan veroorzaken). EMA waarschuwde in 2020. In Nederland is cyproteron de standaard anti-androgeen voor MTF. Risico stijgt met cumulatieve dosis; aangeraden wordt zo laag mogelijke dosis en zo kort mogelijk.
Prolactinoom
Oestrogeen stimuleert prolactine-afgifte. Cases van prolactinomen (hypofysetumoren) bij MTF-gebruikers zijn beschreven (García-Malpartida et al. 2010). Prolactine moet jaarlijks gecontroleerd worden.
Borstkanker
De Nederlandse cohortstudie van De Blok (BMJ 2019) toonde 46x hoger risico op borstkanker bij MTF-gebruikers vergeleken met cisgender mannen — gelijk aan dat van cisgender vrouwen. Absoluut risico is laag op jonge leeftijd en stijgt na 15+ jaar hormoongebruik. Borstkankerscreening vanaf 50 wordt geadviseerd.
Cardiovasculair (lange termijn)
De LIFETIME-studie van Van Velzen et al. (Eur Heart J 2019) toonde bij MTF-hormoongebruikers 2x verhoogd risico op myocardinfarct na correctie voor traditionele risicofactoren. Mechanismen: trombogene staat, ongunstig lipidenprofiel, gewichtstoename, hypertensie. Zie cardiovasculair risico.
Galstenen, depressie, libido-verlies
Oestrogeen verhoogt cholesterolverzadiging in gal: meer galstenen. Stemming kan veranderen (bij sommigen verbeteren, bij anderen depressie of emotionele labiliteit toenemen). Libido daalt vrijwel altijd, erectiele functie eveneens.